• start
  • biografie
  • opdrachtgever
  • nieuw 10
  • contact
  • oproep

Opdrachtgevers Nouveau artikel ...


Mijn man heeft een kind bij een ander


Onverwacht treft Esther haar echtgenoot Peter met een onbekende vrouw aan in haar eigen bed. Ze besluit hem de korte affaire te vergeven. Dan blijkt zijn ex-minnares zwanger.

Esther (57):

‘Kort geleden liepen mijn man en ik samen met Josie over straat. Hij duwde zoals gebruikelijk haar buggy. Bij een stoplicht werden we spontaan aangesproken. ‘Wat een prachtig kleinkind heeft u,’ zei een jonge vrouw. ‘En wat lijkt ze op u zeg,’ voegde ze eraan toe, met een knikje naar Peter. Ik glimlachte vriendelijk maar inwendig voelde ik mijn hart tekeer gaan. Een dergelijke confrontatie blijft pijn doen, al heb ik al drie jaar de tijd gehad om aan het idee te wennen. Het idee dat mijn man, bijna zestig, een peuter heeft bij een andere vrouw met wie hij een korte tijd een affaire had. En dat dit kind deel uitmaakt van ons leven, of ik dat nu wil of niet. Maar wanneer ik het lieve snoetje van Josie zie, dan denk ik: jij kunt hier ook niets aan doen. En jij verdient een vader, zoals ieder kind. En gelukkig heb ik doorgaans voldoende kracht om goed met deze situatie om te gaan.

Peter en ik zijn elkaars jeugdliefde. Voor mij was al snel duidelijk: dit is hem. Hij twijfelde nog even; toen hij in een andere stad ging studeren maakte hij het uit, omdat hij meer uit het leven wilde halen. Ik vertrouwde erop dat hij terug zou komen en ik kreeg gelijk. Deze start is typerend voor onze relatie. Peter is altijd onrustiger, avontuurlijker geweest dan ik. Zo kon hij fantaseren over een gewaagde emigratie met het hele gezin, voor mij totaal ondenkbaar. Toch pasten we goed bij elkaar, juist omdat we elkaar met onze tegenstellingen in balans hielden. En hoewel ons seksleven in de loop van de jaren wat uitdoofde, bleef er liefde in overvloed.

Peter moest voor zijn werk geregeld op reis. Ik heb altijd geweten dat het niet uitgesloten was dat hij mij wel eens bedroog; de situaties waren er en hij had nu eenmaal een onstuimig karakter. Ik heb bewust gekozen daar niet teveel bij stil te staan. Ik heb altijd het volste vertrouwen in onze relatie gehad. Het was wij twee tegen de rest van de wereld en die wetenschap was genoeg. Tot die ene dag, bijna vier jaar geleden, toen ik onverwacht eerder thuiskwam van een dagje winkelen met mijn vriendin. Zij was ziek geworden; ook ik voelde mij grieperig. Thuis stond Peters auto voor de deur. Naïef dacht ik nog: hij heeft zeker hetzelfde virus. Het feit dat ik hem niet in de woonkamer trof, bevestigde dat vermoeden. Terwijl ik de trap van ons huis naar de slaapkamer op liep, riep ik zijn naam. Gelukkig: anders had ik hen samen in ons echtelijk bed betrapt. Het beeld dat ik nu te zien kreeg was al erg genoeg. Peter die met verwilderde haren en een kussen voor zijn naakte lichaam de deur van de slaapkamer opentrok. De blik in zijn ogen vergeet ik nooit. Een mengeling van paniek, angst, verwarring en immense spijt.

Ik ben geen vrouw van scènes. Zonder iets te zeggen ben ik naar beneden gelopen en ben op de bank gaan zitten. Na enkele minuten kwam Peter, aangekleed nu. Vlak daarachter volgde zij. Een jonge, blonde vrouw, amper dertig. Ze staarde naar beneden en wierp af en toe een blik op mijn man. Die gaf haar met een hoofdknik te kennen dat ze weg moest gaan, wat ze deed. Ook ik keek naar de grond. Uiterlijk leek ik dan wel onbewogen, vanbinnen voelde ik me een vulkaan. De vernedering was verpletterend. Het allerergste vond ik nog dat het in ons bed was gebeurd. Dat ik die ochtend had verschoond. Als ik niet was thuisgekomen, zou ik dan die avond onwetend tussen diezelfde lakens hebben geslapen? Vermoedelijk wel. Respectloos, ronduit walgelijk.

Ik heb dagenlang niet willen praten, ik kon het gewoon niet. Ik sliep op de bank, sloot me op in mezelf. Later heeft Peter me verteld dat hij die dagen erg bang was dat ik hem zou verlaten. Toch heb ik dat amper overwogen. Niet omdat ik niet wist waar ik heen moest. Ook niet omdat ik voor onze kinderen, die inmiddels allemaal zelfstandig wonen, de illusie van een gelukkig huwelijk wilde blijven ophouden. Maar omdat we simpelweg een gelukkig huwelijk hádden. Dat opgeven voor deze ene gebeurtenis, hoe afschuwelijk ook, was uitgesloten.

Ermee leren omgaan is een ander verhaal. Toen ik me eindelijk wilde en kon openstellen hebben we eindeloos gepraat. Peter had verschrikkelijk veel spijt. Hij kende de vrouw in kwestie slechts kort, dit was hun vierde ontmoeting. Hij zwoer dat het überhaupt de eerste keer was dat hij een andere vrouw naar ons huis bracht. Of dat waar is, dat weet ik niet, maar ik geloof wel dat zijn berouw oprecht was. Ik weet dat hij van mij houdt en ik ben oud en wijs genoeg om het verschil tussen liefde en lust te onderkennen, al heb ik dat zelf nooit meegemaakt. Na veel, heel veel gesprekken, begon het een plek te krijgen. Het leek ons zelfs nader tot elkaar te brengen. We wisselden zoveel gedachten en gevoelens uit, meer dan we in jaren hadden gedaan. Dat zorgde voor een diepe intimiteit. De eerste keer dat we weer seks hadden was emotioneel. Niet alleen voor mij, ook voor Peter. Toen ik na afloop tranen in zijn ogen zag staan, wist ik: we gaan het redden.

Anderhalve maand later kwam hij op een middag eerder thuis van zijn werk. Aangeslagen, bleek, met grote moeite om te praten. Die andere vrouw – tot dat moment had ik haar naam nooit willen weten – had hem gebeld. Ze was zwanger. Niet van díe keer, maar van een keer ervoor, enkele weken eerder. Het ongeboren kind was al bijna zes maanden. Van Peter verwachtte ze niets, maar ze vond toch dat hij het moest weten. Wat er op dat moment door me heenging, kan ik niet beschrijven. Dit keer kon ik mijn emoties niet in bedwang houden. Ik heb gehuild, geschreeuwd, zelfs met dingen gegooid. ‘Waarom heb je het niet veilig gedaan,’ riep ik telkens. Peter zat erbij als een geslagen hond.

Mijn ontzetting was zo groot omdat ik meteen besefte dat dit ons leven blijvend zou gaan beïnvloeden. Peter is zelf opgegroeid zonder vader. Een maand na zijn geboorte heeft zijn vader zijn moeder verlaten, zij heeft nooit met een woord over hem willen reppen. Dit heeft Peter getekend. Daar komt nog bij dat kinderen voor ons niet vanzelfsprekend zijn geweest. Ik heb twee miskramen gehad voordat ik een gezonde dochter baarde; tussen haar en onze zoon zat opnieuw een miskraam en een doodgeboren kindje. Dat maakt het wonder van het krijgen van een gezond kind extra groot. Peter aanbad onze kinderen, misschien wel meer dan ik. Het idee dat hij tegen Mary – zo bleek zijn minnares te heten – zou zeggen: ‘Bekijk het maar met dat kind, ik wil er niets mee te maken hebben,’ was ondenkbaar. Dat zou niet bij hem passen, hem simpelweg doodongelukkig maken. Overigens waardeer ik dat in hem: hoe moeilijk ik het hier ook mee heb gehad, ik geef nog meer om hem omdat hij zo in elkaar zit.

Na enkele weken heeft Peter Mary gebeld en haar gevraagd bij ons te komen. Die avond kwam er een vreemd soort kracht over mij. Ik wist dat de toekomst pijn zou brengen, maar het was onafwendbaar. Dit was Peters probleem en dus ook het mijne. Samen zouden we zoeken naar de beste oplossing. Toen Mary, in gezelschap van een goede vriend, bij ons binnenstapte, was haar buik al enorm. Ik kon er niet naar kijken, het hele gesprek staarde ik naar haar kruin. Peter heeft haar verteld dat dit natuurlijk nooit de bedoeling was geweest en dat hij vreselijk geschrokken was, maar dat zij er wat hem betreft niet alleen voorstond. Als een vaderschaptest zou uitwijzen dat hij inderdaad de vader was, wilde hij het kind erkennen en een financiële bijdrage leveren. Hij wilde ook, in beperkte mate en natuurlijk alleen als zij daarmee instemde, een ouderrol op zich nemen, om het kind de kans te geven zijn of haar vader te leren kennen. Hoe dat in de praktijk zou werken, daar zou uitgebreid over gepraat moeten worden, maar hij wilde zijn verantwoordelijkheid niet ontlopen. Mary was overdonderd. Ik weet niet wat ze verwacht had, maar dit niet. Voor de eerste keer keek ze mij aan. ‘Hoe denkt u hierover,’ vroeg ze beleefd. Mijn keel zat dicht maar ik wist uit te brengen dat ik achter mijn man stond en dat zou blijven doen.

We hebben Josie voor het eerst gezien toen ze vijf dagen oud was. Peter wilde niet zonder mij, voor mij was alleen thuis blijven ook onverdraaglijk. Maar de eerste blik op de baby sneed door mijn ziel. Het neusje van het piepkleine meisje was een exacte kopie van die van Peter. Een vaderschapstest was in wezen overbodig, het was duidelijk dat dit een kind van Peter was.

De begintijd is heel zwaar geweest. Peter hechtte er veel aan zijn dochter af en toe te zien. Ik ging mee, maar telkens was ik dagen van slag. Vervelend was ook dat Mary vanuit haar omgeving veel weerstand kreeg tegen Peter. In plaats van een moedige man die zijn verantwoordelijkheid nam, werd hij gezien als een oude, getrouwde viezerik die een jonge vrouw had zwanger gemaakt. Dat vond ik erg. Gelukkig heeft Mary zijn gebaar wél gewaardeerd en zij heeft zich altijd correct tegenover Peter en mij opgesteld.

Het moeilijkste van alles was misschien nog wel om het aan onze kinderen te vertellen. Aan mijn dochter, die zelf al moeder is. Hoe vertel je je kind over een halfzusje, ontstaan uit een clandestiene affaire? We hebben het bijna een jaar verborgen gehouden omdat we er eerst zelf mee in het reine moesten komen. De schok was enorm. Maar na onbegrip, woede, wantrouwen en verdriet, is er uiteindelijk vooral respect gekomen voor hoe wij met de situatie omgaan. Dat geldt ook voor andere mensen die ervan weten; overigens een zeer selecte groep. Velen begrijpen niet hoe ik hiermee kan omgaan. Maar het is geen kwestie van kunnen of niet. Het is zoals het is. Dit is ons overkomen en we maken er het beste van. En het heeft tijd gekost, maar ik ben veel om Josie gaan geven. Sinds een jaar komt ze af en toe bij ons. We fungeren als oppas. Er zit geen regelmaat in, er is geen bezoekregeling. Dat hoeft ook niet. Wij zijn er, op de achtergrond en zo is het goed. En we zien wel wat de toekomst brengt.’

Ga pagina terug  Ga naar boven

Heb je ook een interessant verhaal dat je (anoniem) in een tijdschift zou willen vertellen? Stuur dan een mail naar


© Lydia van der Weide